Java kent een grote bibliotheek met standaardklassen, deze heet de Java Application Programming Interface, in het kort de Java API. Hierin zijn allerlei klassen te vinden die je kunt gebruiken bij het programmeren, zonder dat je ze zelf eerst hoeft te schrijven. Je kunt ze gewoon importeren met een importopdracht.
Het is erg belangrijk dat je als Java programmeur leert om informatie op te zoeken in deze bibliotheek. Deze hele bibliotheek is online te vinden.
Om te zorgen dat je als beginnend Java programmeur niet wordt overvallen door alle informatie die je niet begrijpt, is een goede tip om de API te gebruiken om alleen te zoeken naar iets dat je op dat moment nodig hebt. Natuurlijk is het leuk om er ook een beetje in te bladeren, maar pas op dat je door de bomen het bos niet meer kan zien.
De indeling van de Java API
De Java API is opgebouwd in packages, en ieder package bevat klassen die met elkaar samenhangen. Een erg belangrijke package is java.util. Deze package bevat een hoop verschillende hulpklassen die in veel applicaties te gebruiken zijn, zoals de klassen ArrayList en GregorianCalendar, voor het gebruik van data in je applicatie.
Packages hebben een hiërarchisch gestructureerde naam, waarbij er een punt staat tussen de verschillende delen. De namen van alle packages uit de oorspronkelijke bibliotheek (de Java Development Kit, kortweg de JDK) beginnen met het voorvoegsel 'java'. Deze is later uitgebreid en de namen van latere packages beginnen met het voorvoegsel 'javax'.
Op de onderstaande afbeelding is het hoofdscherm van de Java API te zien.
Het scherm is verdeeld in drie onderdelen. Linksboven staat een opsomming van de packages waaruit de API is opgebouwd. Linksonder zijn de klassen te zien van de package die je hebt geselecteerd. En rechts zie je het hoofdframe waarin eerst ook de lijst met packages staat, maar waneer je links een package en klasse selecteert, verschijnt in dit scherm de opgevraagde informatie. Wanneer je bijvoorbeeld linksboven java lang selecteert, en dan rechtsonder String, krijg je het onderstaande scherm, met informatie over de klasse String.
Bij sommige methoden in de Java API staat deprecated, oftewel verouderd. Het is aan te raden deze methoden niet in nieuwe code te gebruiken, omdat er inmiddels nieuwe, betere methoden zijn ontwikkeld voor hetzelfde.
Om te zorgen dat je als beginnend Java programmeur niet wordt overvallen door alle informatie die je niet begrijpt, is een goede tip om de API te gebruiken om alleen te zoeken naar iets dat je op dat moment nodig hebt. Natuurlijk is het leuk om er ook een beetje in te bladeren, maar pas op dat je door de bomen het bos niet meer kan zien.
De indeling van de Java API
De Java API is opgebouwd in packages, en ieder package bevat klassen die met elkaar samenhangen. Een erg belangrijke package is java.util. Deze package bevat een hoop verschillende hulpklassen die in veel applicaties te gebruiken zijn, zoals de klassen ArrayList en GregorianCalendar, voor het gebruik van data in je applicatie.
Packages hebben een hiërarchisch gestructureerde naam, waarbij er een punt staat tussen de verschillende delen. De namen van alle packages uit de oorspronkelijke bibliotheek (de Java Development Kit, kortweg de JDK) beginnen met het voorvoegsel 'java'. Deze is later uitgebreid en de namen van latere packages beginnen met het voorvoegsel 'javax'.
Op de onderstaande afbeelding is het hoofdscherm van de Java API te zien.
![]() |
| Het hoofdscherm van de Java API |
![]() |
| De klasse String in de Java API |
Bij sommige methoden in de Java API staat deprecated, oftewel verouderd. Het is aan te raden deze methoden niet in nieuwe code te gebruiken, omdat er inmiddels nieuwe, betere methoden zijn ontwikkeld voor hetzelfde.



Reacties
Een reactie posten